FHR-Nieuwsbrief Editie 18

30 maart 2026
Introductie

Deze editie van onze nieuwsbrief staat in het teken van De menselijke factor”, een thema dat steeds duidelijker laat zien dat duurzame organisatieontwikkeling begint bij mensen. Niet alleen structuren en strategieën bepalen succes, maar juist de manier waarop we samenwerken, leidinggeven en met elkaar omgaan.

In deze uitgave verkennen we dit thema vanuit verschillende perspectieven. In het hoofdartikel wordt belicht hoe waarden, gedrag en welzijn samen het fundament vormen voor sterke en toekomstbestendige organisaties. BBA-student Audrey Burnett deelt haar ervaring met een veilige en respectvolle leeromgeving, terwijl alumna Chantal Amerkan vanuit haar onderzoek inzicht geeft in het belang van medewerkerstevredenheid en betrokkenheid voor personeelsbehoud. Docent Migilio R. Lemmert laat zien hoe de menselijke factor tot leven komt binnen projectmanagementonderwijs en MBA-student Pearl Haverkamp reflecteert op leiderschap en welzijn in de praktijk.

Samen bieden deze bijdragen een veelzijdig beeld van hoe de menselijke factor niet alleen organisaties versterkt, maar ook bijdraagt aan groei, verbinding en duurzaam succes.

De menselijke factor: hoe waarden, gedrag en welzijn bijdragen aan duurzameorganisatieontwikkeling

De kracht van menselijke interactie

Organisaties worden vaak beschreven in termen van strategie, structuur en prestaties. Toch ligt de kern van elke organisatie bij de mensen die er werken. De manier waarop medewerkers met elkaar omgaan, hoe zij samenwerken en hoe zij zich binnen hun werkomgeving voelen, beïnvloedt in belangrijke mate het functioneren en de ontwikkeling van organisaties. In dat opzicht vormt respect een essentieel fundament van sociale interactie en samenwerking binnen organisaties. Wanneer respect zichtbaar wordt in communicatie, gedrag en leiderschap, ontstaat een werkomgeving waarin medewerkers zich gewaardeerd voelen en waarin samenwerking wordt versterkt. Onderzoek laat zien dat respectvol leiderschap positieve relaties tussen leiders en medewerkers stimuleert en kan bijdragen aan betere prestaties en betrokkenheid. Daarmee vormt respect niet alleen een morele waarde, maar ook een belangrijke factor in organisatieontwikkeling.

 

Respect als fundament van samenwerking

Respect verwijst naar het erkennen van de waardigheid en waarde van anderen en speelt een centrale rol in menselijke interactie. Binnen organisaties beïnvloedt respect hoe medewerkers met elkaar omgaan, hoe conflicten worden opgelost en hoe samenwerking tot stand komt. Onderzoek toont aan dat respect belangrijke sociale functies vervult. Het ontvangen van respect signaleert relationele waardering en vervult fundamentele menselijke behoeften, zoals verbondenheid en sociale erkenning. Wanneer medewerkers zich gerespecteerd voelen, vergroot dit hun vertrouwen in collega’s en leidinggevenden en draagt dit bij aan een positievere werkervaring.

 

Respect zichtbaar in gedrag

Respect krijgt zichtbaar vorm in dagelijks gedrag. Dit komt onder meer tot uiting in beleefdheid, open communicatie en aandacht voor anderen. In de literatuur wordt dit vaak beschreven als workplace civility: respectvolle en hoffelijke interacties tussen medewerkers. Workplace civility omvat gedragingen zoals luisteren naar collega’s, constructieve feedback geven en waardering tonen voor bijdragen van anderen. Dergelijk gedrag draagt bij aan een positieve werkomgeving en versterkt onderlinge relaties binnen teams. Onderzoek laat bovendien zien dat een cultuur van respectvol gedrag samenhangt met hogere werktevredenheid, meer betrokkenheid bij de organisatie en een beter welzijn van medewerkers.

 

Organisatiecultuur als drager van waarden

Respectvolle interacties dragen bij aan de vorming van een positieve organisatiecultuur. Organisatiecultuur kan worden omschreven als het geheel van gedeelde waarden, normen en verwachtingen dat richting geeft aan gedrag binnen een organisatie. Deze gedeelde waarden beïnvloeden hoe medewerkers samenwerken, hoe beslissingen worden genomen en hoe organisaties omgaan met verandering. Een cultuur waarin samenwerking, vertrouwen en respect centraal staan, kan innovatie en gezamenlijke verantwoordelijkheid stimuleren. Leiders spelen hierbij een belangrijke rol, omdat zij door hun gedrag en keuzes richting geven aan de waarden die binnen de organisatie worden uitgedragen.

 

Psychologische veiligheid en welzijn

Naast waarden en gedrag speelt welzijn een belangrijke rol in duurzame organisatieontwikkeling. Een belangrijk concept in dit verband is psychologische veiligheid. Dit verwijst naar de gedeelde overtuiging binnen een team dat medewerkers zich vrij voelen om ideeën, vragen en zorgen te uiten zonder angst voor negatieve gevolgen. In teams waar psychologische veiligheid aanwezig is, durven medewerkers fouten toe te geven, nieuwe ideeën te delen en feedback te geven. Dit draagt niet alleen bij aan betere samenwerking, maar ook aan innovatie en leren binnen organisaties.

 

Binnen een onderwijsteam merkt een docent dat studenten terughoudend zijn om vragen te stellen tijdens colleges. Na verloop van tijd besluit de docent actief te werken aan een respectvolle en open sfeer door expliciet ruimte te geven voor vragen, bijvoorbeeld door regelmatig te benoemen dat fouten maken onderdeel is van het leerproces en elke vraag welkom is. Daarnaast spreekt de docent waardering uit voor elke bijdrage. Geleidelijk ontstaat een omgeving waarin studenten zich veiliger voelen om deel te nemen. Dit leidt niet alleen tot meer interactie tijdens de lessen, maar ook tot betere samenwerking en studieresultaten. Deze situatie laat zien hoe respectvol gedrag en psychologische veiligheid zichtbaar bijdragen aan betrokkenheid en ontwikkeling in de leeromgeving.

 

Motivatie en betrokkenheid

Motivatie vormt een andere belangrijke factor in het welzijn van medewerkers. Volgens de Self-Determination Theory worden motivatie en welzijn beïnvloed door drie fundamentele psychologische behoeften: autonomie, competentie en verbondenheid. Wanneer deze behoeften worden vervuld, ervaren medewerkers meer intrinsieke motivatie en betrokkenheid bij hun werk. Organisaties die ruimte bieden voor autonomie, ontwikkeling en samenwerking creëren omstandigheden waarin medewerkers zich gemotiveerd voelen om bij te dragen aan gezamenlijke doelen.

 

Waarden als basis voor duurzame organisatieontwikkeling

Wanneer waarden, gedrag en welzijn samenkomen, ontstaat een werkomgeving waarin medewerkers optimaal kunnen functioneren. Respect vormt daarbij het fundament, terwijl respectvol gedrag, psychologische veiligheid en motivatie bijdragen aan een cultuur van vertrouwen en samenwerking. Organisaties die investeren in deze menselijke factoren versterken niet alleen de kwaliteit van werkrelaties, maar bouwen ook aan een duurzame basis voor ontwikkeling. Waarden, gedrag en welzijn zijn daarmee geen afzonderlijke thema’s, maar nauw met elkaar verbonden elementen die samen bijdragen aan het functioneren en de toekomstbestendigheid van organisaties.

 

Van waarden naar praktijk: de rol van FHR

Binnen FHR krijgt de menselijke factor vorm vanuit twee pijlers waarop het instituut is gebouwd. Enerzijds staan hoge standaarden centraal, waarbij het behouden van koers en richting bepalend is voor onderwijs en organisatieontwikkeling. Anderzijds ligt de nadruk op goede manieren, waarbij respect tonen de basis vormt van hoe studenten, docenten en professionals met elkaar omgaan. Deze combinatie laat zien dat waarden niet abstract blijven, maar worden vertaald naar gedrag en cultuur. Het waarborgen van kwaliteit vraagt om richting en consistentie, terwijl respectvolle omgangsvormen bijdragen aan een veilige en samenwerkingsgerichte leeromgeving.

 

 

Voor de samenstelling van dit artikel zijn de volgende bronnen geraadpleegd: 

  • Edmondson, A. (1999). Psychological safety and learning behavior in work teams.
  • De Cremer, D., & Mulder, L. B. (2007). A passion for respect: On understanding the role of human needs and morality.  Interaktion. Organisation. Zeitschrift für Angewandte Organisationspsychologie (GIO)38(4), 439-449.
  • Dillon, R. S. (2003). Respect.
  • Smelser, N. J., & Baltes, P. B. (2001). International encyclopedia of the social & behavioral sciences. New York.
  • Peng, X. (2023). Advancing workplace civility: a systematic review and meta-analysis of definitions, measurements, and associated factors. Frontiers in psychology14, 1277188.
  • Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Intrinsic and extrinsic motivations: Classic definitions and new directions. Contemporary educational psychology25(1), 54-67.
  • Van Gils, S., Van Quaquebeke, N., Borkowski, J., & van Knippenberg, D. (2018). Respectful leadership: Reducing performance challenges posed by leader role incongruence and gender dissimilarity. Human relations71(12), 1590-1610.

FHR Business Fair 2026:

Health

Op zaterdag 7 februari 2026 vond aan de Burenstraat 23 de negende editie van de FHR Business Fair plaats. Met ruim 1200 bezoekers werd het een inspirerende en succesvolle dag. Het jaarlijkse evenement van het FHR Institute for Higher Education stond dit jaar in het teken van het thema ‘Health’.

De Business Fair vormt de afsluiting van het FHR Business Life Cycle Project binnen het Bachelor of Business Administration (BBA)-programma. Gedurende anderhalf jaar werken studenten in groepsverband aan hun eigen onderneming. Tijdens de beurs presenteren zij hun innovatieve en marktgerichte concepten aan het publiek, experts en potentiële investeerders. Binnen het thema ‘Health’ ontwikkelden studenten creatieve oplossingen in verschillende categorieën, waaronder Daily Support Tools, Mental and Emotional Health, Nutrition and Traditional Health en Body Recovery and Comfort. De beoordeling vond plaats door een Business Pitch Jury en een Business Stand Jury (Mystery Jury). Daarnaast kon het publiek stemmen voor de People’s Choice Award. De winnende teams werden geselecteerd op basis van hun businesspitch, innovatie en impact.

Lees het volledige artikel over de FHR Business Fair – “Health” op: Negende editie FHR Business Fair 2026 in het teken van ‘Health’ – FHR

Student in the spotlight:

Audrey Burnett over samen groeien in een veilige leeromgeving, waarin respect, samenwerking en een goede sfeer centraal staan en studenten zich zowel academisch als persoonlijk kunnen ontwikkelen.

Samen groeien in een veilige leeromgeving

Voor Audrey Burnett, student van de opleiding Law and Business, gaat studeren over meer dan alleen het behalen van cijfers of het afronden van opdrachten. Studeren draait voor haar ook om de sfeer en de manier waarop studenten en docenten met elkaar omgaan. Een studieomgeving waarin respect, openheid en samenwerking centraal staan, helpt studenten om zich niet alleen academisch, maar ook persoonlijk te ontwikkelen.


Voor mij betekent een fijne en veilige leeromgeving dat ik me op mijn gemak voel om vragen te stellen, ideeën te delen en ook fouten te mogen maken,” vertelt Audrey. Studeren is volgens haar immers een leerproces dat niet altijd in één keer goed gaat. Wanneer er respect is tussen studenten en docenten en iedereen naar elkaar luistert, ontstaat een omgeving waarin studenten zich vrij voelen om zich verder te ontwikkelen.


Samenwerking speelt daarbij een belangrijke rol. Audrey ervaart dat groepswerk vooral goed werkt wanneer studenten betrokken zijn en open met elkaar communiceren. Iedereen neemt verantwoordelijkheid voor zijn of haar taak, maar is ook bereid om anderen te ondersteunen wanneer dat nodig is. Volgens haar wordt groepswerk het meest succesvol wanneer studenten elkaars sterke punten benutten en elkaar aanvullen in plaats van elkaar te willen overtreffen. Duidelijke communicatie, geduld en interesse in elkaars ideeën maken het samenwerken met zowel docenten als medestudenten prettiger en effectiever.

 

Ook zelf probeert Audrey bij te dragen aan een positieve sfeer tijdens de colleges. “Door actief mee te doen, interesse te tonen in wat anderen zeggen en soms ook een beetje humor te brengen, hoop ik bij te dragen aan een fijne sfeer in de klas,” legt ze uit. Kleine dingen, zoals elkaar helpen of motiveren, kunnen volgens haar al een groot verschil maken.


Wat er uiteindelijk voor zorgt dat zij zich echt thuis voelt binnen haar studieomgeving, is het gevoel van verbondenheid. Wanneer studenten elkaar ondersteunen en samen werken aan opdrachten, ontstaat een omgeving waarin iedereen wordt gestimuleerd om het beste uit zichzelf te halen. Ook toegankelijke en betrokken docenten dragen bij aan dat gevoel. Daarnaast helpt het volgens haar wanneer de schoolomgeving georganiseerd, vriendelijk en uitnodigend is, zowel fysiek als sociaal.


Voor Audrey draait studeren daarom niet alleen om kennis opdoen, maar ook om samen groeien in een omgeving waar respect, samenwerking en een veilige leeromgeving centraal staan.

Voor deze editie van onze nieuwsbrief, met als thema De menselijke factor, levert Chantal Amerkan een bijdrage vanuit de MBA-opleiding. Als alumna die haar thesis wijdde aan Employee Retention binnen de technische sector, sluit haar onderzoek nauw aan op het centrale thema. Vanuit haar onderzoek laat zij zien welke factoren van invloed zijn op betrokkenheid en werktevredenheid. Daarmee biedt zij een helder inzicht in wat organisaties kunnen doen om medewerkers duurzaam aan zich te binden.

Employee Retention: Identifying the key factors for retaining employees in the technical field
 

Wat houdt een CEO wakker? Niet alleen cijfers of strategie, maar het stille vertrek van talent. Wanneer ervaren professionals de organisatie verlaten, verdwijnt er meer dan alleen kennis. Processen raken verstoord en de impact wordt langzaam zichtbaar. Binnen organisaties ligt de nadruk veelal op cijfers en resultaten, terwijl de menselijke factor achter deze cijfers regelmatig wordt onderschat. Als onderzoeker met een passie voor Human Resource-gerelateerde onderwerpen, heb ik me steeds laten leiden door één centrale vraag: wat maakt dat mensen niet alleen presteren, maar zich ook echt verbonden voelen aan een organisatie? Voor mij ligt het antwoord in de menselijke factor, de drijvende kracht achter betrokkenheid, motivatie en uiteindelijk duurzaam succes. Vanuit deze overtuiging vertrekt mijn onderzoek naar ‘Employee Retention’ vanuit een andere invalshoek, namelijk: welke factoren beïnvloeden het gedrag en de keuzes van medewerkers en hoe kunnen organisaties hier strategisch op inspelen om medewerkers te behouden?

De aanleiding voor dit onderzoek ligt in een actuele uitdaging binnen de technische sector, die essentieel is voor de ontwikkeling van onder andere de opkomende olie- en gasindustrie. Het behouden van gekwalificeerd personeel bleek een groeiend probleem te zijn. Het gesignaleerde probleem is dus niet alleen employee turnover, maar vooral het ontbreken van effectieve strategieën voor het behouden van medewerkers.

In veel studies ligt de nadruk voornamelijk op organisatiegebonden factoren, zoals salaris en arbeidsvoorwaarden. Mijn onderzoek laat echter zien dat dit perspectief te beperkt is. Om de menselijke factor werkelijk centraal te stellen, is het noodzakelijk om het behoud van personeel te benaderen als een samenspel van drie dimensies: individuele factoren, organisatiegebonden factoren en externe invloeden.

Binnen deze benadering heb ik specifiek gekeken naar de rol van werkomgeving, beloningsstructuur en leiderschap als kernvariabelen. Omdat het onderzoeken van het samenspel van verschillende kernvariabelen complex is, is gebruikgemaakt van SmartPLS om de onderliggende verbanden inzichtelijk te maken. De resultaten tonen aan dat deze factoren niet afzonderlijk bepalend zijn voor het behoud van medewerkers. In plaats daarvan werken zij in samenhang, waarbij werktevredenheid fungeert als een cruciale mediërende variabele. Dit betekent dat verbeteringen in bijvoorbeeld leiderschap of werkomgeving pas effectief zijn wanneer zij daadwerkelijk bijdragen aan de ervaren tevredenheid van medewerkers. Daarnaast speelt de mate van betrokkenheid bij een organisatie een versterkende rol, met name wanneer deze samenvalt met een positieve werkervaring. Dit onderstreept dat het niet voldoende is om enkel beleid te formuleren, maar dat de manier waarop medewerkers de organisatie ervaren doorslaggevend is.

Een belangrijk inzicht uit gesprekken met experts tijdens mijn vooronderzoek is dat medewerkers niet altijd vertrekken vanwege een concrete aanleiding, maar vaak omdat er onvoldoende redenen zijn om te blijven. Dit biedt tegelijkertijd een duidelijke kans voor organisaties. Hoe kunnen ‘wij’ ervoor zorgen dat medewerkers genoeg redenen hebben om te blijven? Door gericht te investeren in een werkomgeving waarin medewerkers zich gewaardeerd voelen, door leiderschap dat vertrouwen en betrokkenheid stimuleert en door beleid dat aansluit bij behoeften van medewerkers.

Dit onderzoek heeft niet alleen inzicht in de factoren die het behoud van personeel beïnvloeden geboden, maar ook in de concrete mogelijkheden voor verbetering. Voor de technische sector in Suriname ligt hier een belangrijke kans: door strategisch te investeren in de mens, kan niet alleen uitstroom worden verminderd, maar kan ook een solide basis worden gelegd voor groei en ontwikkeling.

In dit interview deelt een projectmanagementdocent zijn visie op de rol van de menselijke factor, soft skills en ethisch leiderschap in het onderwijs. Studenten werken in groepen aan een reëel producttraject, van eerste idee tot een marktklaar eindproduct, en ontdekken onderweg dat projectmanagement veel meer is dan plannen en tools.



Van Idee naar Markt
Soft skills, ethiek en samenwerking in de praktijk van projectmanagement

 

De menselijke factor is bij projectmanagement geen bijzaak; het is het hart van het vak. In mijn lessen werken studenten in groepen aan een reëel producttraject: van idee naar alpha-prototype, vervolgens naar een beta-prototype, tot aan een finaal marktklaar product. Elk van die fases dwingt hen om samen beslissingen te nemen, verantwoordelijkheden te verdelen en te communiceren, ook wanneer het moeilijk wordt. Concreet betekent dit dat de menselijke factor wordt ingebouwd in de structuur van het vak zelf, niet als een apart thema. Wanneer een groep vastloopt op een ontwerpkeuze of wanneer er spanning ontstaat binnen het team over taakverdeling, dan is dat het leermoment. We nemen de tijd om te bespreken wat er speelt, welke verwachtingen er zijn en hoe iedereen zijn of haar rol ervaart. Dat zijn de momenten waarop projectmanagement levend wordt.

 

Studenten leren ook dat een product op de markt brengen meer is dan een technisch proces. Het vereist onderhandelen, luisteren naar gebruikers, rekening houden met stakeholders en intern draagvlak creëren voor beslissingen. Door dit proces structureel te doorlopen, niet eenmalig, maar in meerdere iteraties, bouwen studenten inzicht op in hoe menselijke dynamieken een project kunnen maken of breken.

 

Soft skills als noodzakelijke professionele competentie

In projectmanagement staat of valt alles met mensen. Een projectleider kan beschikken over de beste tools, de meest gedetailleerde planning en een uitgewerkt risicomanagement, maar als hij of zij niet in staat is om een team te motiveren, conflicten te begeleiden of heldere verwachtingen te scheppen, dan loopt het project vast. Dat is geen theorie, dat is de dagelijkse realiteit in elke organisatie. Ik maak bewust geen onderscheid tussen ‘harde’ en ‘zachte’ vaardigheden, omdat dat onderscheid in de praktijk niet bestaat. Wanneer een student tijdens het alpha-prototypefase merkt dat een teamlid afhaakt, dan is dat niet alleen een planningsprobleem; het is een communicatieprobleem, een motivatieprobleem, of soms zelfs een vertrouwensprobleem. De student die daarmee om kan gaan, is de professional die straks echt impact maakt. Bovendien verandert de arbeidsmarkt. Technische kennis veroudert snel, maar het vermogen om samen te werken, te reflecteren en te adapteren blijft waardevol. Werkgevers zoeken steeds vaker mensen die niet alleen weten wat ze moeten doen, maar ook begrijpen hoe ze met anderen moeten samenwerken om het te bereiken. Mijn vak bereidt studenten daar expliciet op voor.

 

Integratie van ethiek en moreel leiderschap in de lessen

Ethiek en moreel leiderschap integreer ik niet als aparte module, maar als vragen die opduiken in de praktijk van het project zelf. Wanneer studenten een product ontwikkelen en op de markt willen brengen, stuiten ze automatisch op ethische keuzes: welk probleem lossen we op en voor wie? Wie profiteert, en wie wordt mogelijk benadeeld? Maken we bewuste keuzes over duurzaamheid, toegankelijkheid of eerlijke prijsstelling? Dit zijn geen abstracte filosofische vragen; het zijn concrete projectbeslissingen. Door deze vragen expliciet te stellen tijdens begeleiding en feedbackmomenten, leer ik studenten dat leiderschap ook verantwoordelijkheid inhoudt. Een projectleider die alleen maar kijkt naar haalbaarheid en deadline, maar voorbijgaat aan de bredere impact van zijn of haar keuzes, mist een essentieel onderdeel van de rol.

 

Moreel leiderschap toon ik ook zelf. In de manier waarop ik studenten behandel, in hoe ik feedbackgesprekken voer, in hoe ik omga met fouten als iets niet werkt, analyseren we het samen in plaats van te veroordelen. Dat is de houding die ik wil doorgeven: verantwoordelijkheid nemen, transparant zijn, en altijd zoeken naar wat de situatie ten goede komt voor iedereen betrokken.

 

Reflectie op eigen gedrag en samenwerking in werkvormen

Een van de werkvormen die ik regelmatig inzet, is een zogenaamde ‘retrospectief-sessie’ na elke projectfase. Dit is een gestructureerd groepsgesprek waarin het team terugkijkt op de afgelopen periode, niet alleen op het product, maar op de samenwerking. Wat ging er goed? Wat liep er stroef? Wat zou iedereen de volgende keer anders doen? Deze sessies zijn krachtig, omdat ze studenten verplichten om buiten de taakgerichte modus te stappen. Ze moeten iets zeggen over hun eigen bijdrage, over hoe zij de sfeer in de groep hebben ervaren, en over wat zij kunnen verbeteren. Dat vergt moed, zeker voor studenten die gewend zijn om beoordeeld te worden op resultaat.

 

Naast de retrospectief laat ik studenten ook individuele reflectieverslagen schrijven na elke hoofdfase. Daarin beantwoorden ze vragen zoals: welke rol nam ik aan in de groep? Was dat bewust of onbewust? Hoe reageerde ik op tegenslag? Wat leer ik over mezelf als toekomstig professional? Deze combinatie van collectieve reflectie in de groep en individuele verdieping op papier zorgt ervoor dat studenten niet alleen leren samenwerken, maar ook leren begrijpen hoe zijzelf functioneren binnen een team.

 

Stimuleren van strategisch en mensgericht denken

Strategisch denken gaat over doelen, middelen en efficiëntie. Mensgericht denken gaat over wie er geraakt wordt door de beslissingen die je neemt en hoe. Ik probeer studenten bewust te laten schakelen tussen deze twee perspectieven, omdat echte projectleiders dat voortdurend doen. Een concrete aanpak die ik gebruik: tijdens de overgang van alpha naar beta-prototype stel ik niet alleen de vraag ‘werkt het?’, maar ook ‘wie gaat dit gebruiken, en wat merken zij?’ Studenten moeten nadenken over de eindgebruiker, maar ook over hun teamleden, hun opdrachtgever en de bredere context. Dit dwingt hen om uit de tunnelvisie van het eigen product te stappen.

 

Ik stel ook bewust ‘waarom’-vragen tijdens begeleiding (doceren). Niet alleen ‘wat ga je doen?’ ,maar ‘waarom kies je hiervoor?’ Wat betekent dit voor je collega’s? Wie heb je om advies gevraagd?’ Door deze vragen consequent te stellen, leer ik studenten dat iedere keuze een menselijke dimensie heeft. Dat is niet sentimenteel, het is strategisch. Want de beste plannen falen wanneer de mensen erachter niet meegenomen worden.

 

Ontwikkeling van een professionele houding in hedendaagse organisaties

De houding die ik centraal stel, is die van de reflectieve professional: iemand die niet alleen handelt, maar ook nadenkt over zijn of haar handelen, die openstaat voor feedback en die bereid is om bij te sturen. In een snel veranderende wereld is dit geen luxe; het is een overlevingsstrategie. 

 

Concreet probeer ik drie houdingen te ontwikkelen. Ten eerste eigenaarschap: studenten leren dat zij verantwoordelijk zijn voor het proces en het resultaat, niet de docent of de omstandigheden. Ten tweede bescheidenheid: weten wat je niet weet, en bereid zijn om hulp te vragen of toe te geven dat je het even niet meer ziet. En ten derde doorzettingsvermogen: een product van idee naar markt brengen is moeilijk, er zijn altijd tegenslagen, en de professional die daar mee om kan gaan, is degene die echt impact maakt. Deze houdingen zijn essentieel in hedendaagse organisaties, omdat de wereld van werk complexer is geworden. Projecten zijn vaker cross-functioneel, teams werken hybride, en de verwachtingen van opdrachtgevers veranderen onderweg. In die context is de student die flexibel, zelfbewust en samenwerkingsgericht is, verreweg het meest waardevol, ongeacht het vakgebied.

 

Verandering bij studenten en wat zij meenemen na afstuderen

De verandering die ik het meest zie en die mij ook het meest raakt, is wanneer studenten zich realiseren dat projectmanagement niet over projecten gaat, maar over mensen. Aan het begin van het vak zijn velen gefocust op hun idee, hun product, hun prestatie. Gaandeweg, wanneer er frictie ontstaat in de groep, wanneer het prototype niet werkt, wanneer er keuzes gemaakt moeten worden die niet iedereen leuk vindt, zien studenten hoe essentieel samenwerking, communicatie en leiderschapskwaliteiten zijn. Ik zie studenten groeien in zelfvertrouwen, maar ook in bescheidenheid. Ze leren dat het oké is om fouten te maken, zolang je ervan leert. Ze leren dat je niet alles alleen hoeft te doen. Ze leren dat luisteren soms waardevoller is dan spreken.

 

Wat ik hoop dat ze meenemen wanneer zij afstuderen? Dat succes als professional niet alleen afhangt van wat je weet of kunt, maar van wie je bent in relatie tot anderen. Dat de beste projectleiders niet de perfecte planners zijn, maar de mensen die in staat zijn om een team te inspireren, vertrouwen te wekken en ook in onzekerheid koers te houden. Dat is de professional die ik wil vormen en dat is, diep van binnen, ook het soort persoon dat onze samenleving nodig heeft.

Pearl Haverkamp, MBA-student, deelt in dit artikel haar visie op leiderschap en welzijn binnen het MBA-programma. Ze beschrijft hoe de focus op zelfreflectie en de menselijke factor haar kijk op leiderschap heeft verdiept en hoe zij deze inzichten toepast in haar professionele omgeving. Haar bijdrage laat zien hoe het programma bijdraagt aan het ontwikkelen van bewust, mensgericht leiderschap in een steeds complexere organisatieomgeving.

Leiderschap en Welzijn: Een fundament voor de hedendaagse organisaties
 

In een wereld waar veranderingen binnen organisaties in snel tempo plaatsvinden en waar organisaties steeds complexer worden, blijkt één factor steeds doorslaggevend, namelijk de “mens”. De wijze waarop mensen denken, handelen, samenwerken en leidinggeven, bepaalt uiteindelijk het succes van elke organisatie.

Binnen het MBA-programma van het FHR Instituut staat deze menselijke factor centraal en is leiderschap daarbij ook verweven in de verschillende modules van het curriculum. Wat dit programma bijzonder maakt, is dat leiderschap niet wordt gepresenteerd als een positie, maar als een proces van ontwikkeling. Gedurende de verschillende modules wordt het accent vooral gelegd op het reflecteren op het eigen handelen, omdat leiderschap niet begint bij het aansturen van anderen, maar bij zelfinzicht en zelfbewustzijn. Zo bleef ik stilstaan bij de vragen: Wie ben ik als leider? Welke impact wil ik hebben op mijn team en organisatie? Hoe blijf ik trouw aan mezelf in uitdagende situaties? Deze focus op zelfleiderschap sluit aan bij een bredere ontwikkeling waarin empathie, reflectie en het vermogen om je aan te passen steeds belangrijker worden.

In de verschillende modules, zoals Leading for a Sustainable World, Corporate Strategy and Responsibility, en Innovation for a Sustainable Development, heb ik geleerd hoe leiders richting geven aan organisaties door visie en strategische keuzes. Ook heb ik inzicht gekregen in hoe zij verandering begeleiden en medewerkers meenemen in transformaties binnen organisaties. Daarnaast wordt leiderschap ook gekoppeld aan ondernemerschap en maatschappelijke impact, waarbij duurzame waardecreatie centraal staat.

Het MBA-programma behandelt leiderschap en welzijn in samenhang met elkaar. Een effectieve leider is immers iemand die niet alleen stuurt op resultaten, maar die ook oog heeft voor de mensen achter die resultaten. Het creëren van een werkomgeving waar medewerkers zich veilig voelen, ruimte krijgen om te groeien en een gezonde balans kunnen vinden tussen werk en privé is hierbij bijzonder belangrijk.

In mijn dagelijks werk pas ik deze inzichten bewust toe door ruimte te creëren voor open gesprekken, aandacht te hebben voor werkdruk en mijn team actief te betrekken bij de gang van zaken binnen de organisatie. Hierdoor ontstaat meer betrokkenheid en ownership. Ik merk dat wanneer mensen zich gehoord en gewaardeerd voelen, dit niet alleen hun welzijn versterkt, maar ook leidt tot betere prestaties.

To me, leadership means taking care of those entrusted to me and leading by example, because true leadership creates value far beyond profit and forms the foundation of well-being in today’s organisations.

FHR blijft investeren in kwaliteit en internationale erkenning. Met accreditaties op zowel nationaal als internationaal niveau onderstreept het instituut zijn toewijding aan hoogwaardig onderwijs en continue verbetering.



Accreditatie versterkt de kwaliteit van de opleidingen van FHR

FHR Institute for Higher Education blijft haar positie als toonaangevende onderwijsinstelling versterken door haar voortdurende inzet voor accreditatie en kwaliteitsborging. Door te waarborgen dat alle opleidingen voldoen aan zowel nationale als internationale standaarden, onderstreept FHR haar toewijding aan het aanbieden van hoogwaardig, relevant en internationaal erkend onderwijs dat studenten voorbereidt op succes in een voortdurend veranderende professionele omgeving.

FHR Institute for Higher Education toont haar inzet voor academische excellentie door de accreditatie van al haar opleidingen. Accreditatie is een essentieel proces binnen het hoger onderwijs, omdat het garandeert dat opleidingen voldoen aan vastgestelde normen op het gebied van kwaliteit, relevantie en continue verbetering. Voor studenten biedt accreditatie de zekerheid dat hun opleiding erkend, betrouwbaar en afgestemd is op zowel nationale als internationale academische en professionele eisen.

Het Nationaal Orgaan voor Accreditatie (NOVA) heeft accreditatie verleend aan alle opleidingen van FHR. Deze nationale accreditatie bevestigt dat de opleidingen voldoen aan de geldende kwaliteitsnormen voor hoger onderwijs in Suriname en dat zij voortdurend worden geëvalueerd om hun relevantie en effectiviteit te waarborgen. Via dit proces blijft FHR zich inzetten voor onderwijs dat studenten voorbereidt op een steeds complexere en competitievere arbeidsmarkt.

Naast de nationale accreditatie heeft FHR recent ook een belangrijke internationale mijlpaal bereikt. De European Association for Public Administration Accreditation (EAPAA) heeft de accreditatie van de Master of Public Administration (MPA) opleiding opnieuw toegekend voor een periode van zes jaar. Deze internationale heraccreditatie weerspiegelt de kwaliteit, relevantie en academische diepgang van het programma en onderstreept FHR’s inzet om te blijven voldoen aan wereldwijd erkende standaarden binnen het domein van public administration. Tevens versterkt dit de waarde van het diploma, zowel binnen Suriname als internationaal.

Accreditatie speelt een cruciale rol in het waarborgen dat onderwijsinstellingen verantwoord, innovatief en maatschappelijk relevant blijven. Voor FHR is accreditatie niet slechts een vereiste, maar ook een kans voor reflectie, verbetering en groei. Door middel van continue evaluatie en externe toetsing blijft FHR zich inzetten voor het aanbieden van kwalitatief hoogstaand, toekomstgericht onderwijs.

Vooruitkijkend start FHR binnenkort met het heraccreditatieproces van de Bachelor of Business Administration (BBA), Master of Business Administration (MBA) en Master of Accounting (MOA) programma’s bij de International Accreditation Council for Business Education (IACBE). Dit proces begint met het opstellen van een uitgebreid self-study rapport, dat een essentieel onderdeel vormt van de herbeoordeling. Met deze heraccreditatie wil FHR haar belofte voortzetten om internationale accreditatie op alle opleidingsniveaus te waarborgen en haar inzet voor onderwijskwaliteit en internationale standaarden verder te versterken.

Inzendingen

Om het netwerk van onze doelgroep te bevorderen accepteert de redactie van de FHR-nieuwsbrief kosteloze inzendingen van en over diens alumni en studenten die mogelijk geselecteerd kunnen worden voor toekomstige edities van de nieuwsbrief. Inzendingen kunnen gaan over extra curriculaire prestaties, studie- en werk gerelateerde mijlpalen.

Mailen kan naar newsletter@fhrinstitute.sr

De redactie van de FHR-nieuwsbrief kijkt uit naar uw inzending.

© 2026 FHR Institute for Higher Education, All rights reserved.
nl_NLNL